Overzicht

Algemene voorwaarden

Financiële bijdrage voor ontwikkeling en/of productie

NB: Deze versie (augustus 2018) is van kracht vanaf de aanvraagronde van 21 augustus. Zie onderaan deze pagina alle eerdere versies van de Algemene voorwaarden in PDF met vermelding van de indienrondes waarvoor deze gelden. Per toekenning zijn de Algemene voorwaarden meegestuurd in de dan geldende versie.

Algemene voorwaarden NPO-fonds - augustus 2018

Algemeen

1. Het NPO-fonds is onderdeel van de NPO en draagt onder meer bij aan de ontwikkeling en productie van hoogwaardige dramaproducties en documentaires (uit te zenden of te plaatsen via radio, televisie en online) bij de landelijke publieke omroep. Alleen landelijke publieke media-instellingen (hierna “omroepen”) kunnen een aanvraag voor financiële ondersteuning indienen bij het NPO-fonds. Deze voorwaarden hebben betrekking op de financiële bijdragen van het NPO-fonds aan de ontwikkeling en/of vervaardiging (hierna “productie”) van media-aanbod (hierna “project”).

2. Indien het project waarvoor de omroep een financiële bijdrage aanvraagt een coproductie met een productiebedrijf betreft, neemt het NPO-fonds de aanvraag alleen in behandeling als het betrokken productiebedrijf aantoonbaar ervaring heeft in het produceren van professionele audiovisuele mediaproducties. Bij de beoordeling daarvan hanteert het NPO-fonds de volgende cumulatieve criteria:
  • het betreft een productiebedrijf met rechtspersoonlijkheid (geen eenmanszaken, CV’s of VOF’s) dat op regelmatige basis professionele audiovisuele mediaproducties voor landelijke commerciële of publieke omroepen produceert en exploiteert;
  • het productiebedrijf is zodanig georganiseerd dat de artistieke en zakelijke verantwoordelijkheid voor het betrokken project, of te wel de functie van de regisseur en/of scenarist en de functie van de producent, niet in één persoon verenigd zijn en aantoonbaar is dat de producent volledig beslissingsbevoegd en eindverantwoordelijk is voor het project; en 
  • de bij het project betrokken producent eindverantwoordelijk is geweest voor minimaal één, door een landelijke commerciële of publieke omroep uitgezonden en/of geplaatste, audiovisuele mediaproductie van min of meer vergelijkbare omvang en complexiteit.
3. Een bijdrage van het NPO-fonds in de kosten van de ontwikkeling en/of productie van een project wordt verleend op grond van een besluit van de raad van bestuur na advies van een onafhankelijke commissie (hierna “adviescommissie”). De verlening vindt plaats onder de voorwaarde dat de aanvragende omroep meewerkt aan de totstandkoming van een uitvoeringsovereenkomst. Pas als de uitvoeringsovereenkomst door beide partijen is ondertekend en retour ontvangen door het NPO-fonds, kunnen hier rechten aan worden ontleend.

4. Deze Algemene voorwaarden maken deel uit van de uitvoeringsovereenkomst als bedoeld in artikel 3. De Algemene voorwaarden gelden zoals zij zijn gepubliceerd op de dag van ondertekening van de uitvoeringsovereenkomst door het NPO-fonds. Indien er aan de verlening van een bijdrage door het NPO-fonds andere verplichtingen c.q. voorwaarden worden verbonden dan in deze Algemene voorwaarden zijn opgenomen, worden deze verplichtingen c.q. voorwaarden vastgelegd in de uitvoeringsovereenkomst.

5. De bijdrage, zoals vermeld in het besluit van de raad van bestuur, is het bedrag dat maximaal voor de verwezenlijking van het project uit het NPO-fonds wordt verstrekt.

6. De definitieve bijdrage wordt vastgesteld door de raad van bestuur op basis van de door het NPO-fonds goedgekeurde eindafrekening van het project.

7. De bijdrage wordt uitsluitend verstrekt voor de ontwikkeling en/of productie van het project zoals omschreven in het door de aanvragende omroep ingediende aanvraagformulier. De bij het aanvraagformulier gevoegde bijlagen, waaronder de begroting en het dekkingsplan, maken deel uit van de aanvraag. Iedere aanvraag moet voorzien zijn van een toelichting op de begroting en het financieringsplan en op eventuele bijzondere of onzekere factoren rond de ontwikkeling of productie van het project. De begroting en het dekkingsplan dienen van een datum voorzien te zijn.

8. De aanvraag inclusief begroting dient voor gezien te zijn ondertekend door de bij het project betrokken regisseur(s) en/of scenarist(en). 

9. Bij de beoordeling van een aanvraag neemt het NPO-fonds in zijn afwegingen mee of eerdere toekenningen van het NPO-fonds op correcte wijze zijn afgehandeld, of de verplichtingen zijn nageleefd en of aan de rapportageplicht van eerdere toekenningen is voldaan.

10. Reeds uitgezonden media-aanbod komt niet in aanmerking voor een bijdrage. Ook aan projecten waarvan de te financieren activiteiten al een aanvang hebben genomen, wordt geen bijdrage verstrekt. Een uitzondering kan slechts worden gemaakt voor opnamen die een bescheiden deel van het project gaan vormen en waarvan gemotiveerd wordt dat deze van zodanig wezenlijk belang zijn voor het project dat ze voor verlening van de bijdrage gemaakt moesten worden.

11. Met uitzondering van de in artikel 10 beschreven uitzonderingssituatie worden kosten die gemaakt zijn voor de datum van toekenning niet in aanmerking genomen voor financiering door het NPO-fonds.

12. Een ontwikkelingsaanvraag voor het schrijven van scenario(’s) voor televisie- en onlinedrama, als ook een ontwikkelingsaanvraag voor documentaireseries, moet een schriftelijke verklaring van een netmanager bevatten waaruit blijkt dat de netmanager geïnteresseerd is in het project en hierin potentie ziet in relatie tot de programmering van een aanbodkanaal waarvoor de netmanager verantwoordelijk is.
Een productieaanvraag (alle genres) moet zijn voorzien van een schriftelijke verklaring van de net- of zendermanager waaruit blijkt dat het project in aanmerking komt voor plaatsing op een aanbodkanaal waarvoor de net- respectievelijk zendermanager verantwoordelijk is.

13. Bij het indienen van een productieaanvraag voor een project waaraan door het NPO-fonds reeds een ontwikkelingsbijdrage is toegekend, dienen alle documenten van de fase daaraan voorafgaand (zoals uitvoerings- en coproductieovereenkomsten) in het bezit van het NPO-fonds te zijn.

14. Omroepen zorgen voor voldoende gebruiksrechten voor verspreiding, hergebruik en ontsluiting van het project op de aanbodkanalen van de NPO.

Begroting
15. De in de begroting opgenomen kosten dienen realistisch, marktconform en kostenefficiënt te zijn en zoveel mogelijk gespecificeerd, uitgewerkt en toegelicht te worden. Bij alle functies, ook die worden ingevuld door het productiebedrijf (hierna “coproducent”), dienen in de begroting de namen vermeld te worden.

16. Alle bij de regelingen genoemde maximale bedragen zijn inclusief de posten producers fee, overhead en onvoorzien. 

17. Bij de productieaanvraag van een project kunnen kosten voor ontwikkeling tot het in de betreffende regeling maximaal aangegeven bedrag in aanmerking worden genomen, mits deze kosten niet eerder uit het NPO-fonds, uit GOS (geld op schema) of door derden, niet zijnde de coproducent, zijn gefinancierd. De kosten voor ontwikkeling dienen te zijn gespecificeerd en toegelicht in de begroting.

18. Ontwikkelingskosten van een radioproductie (drama of documentaire) kunnen in de begroting van een productieaanvraag worden opgenomen, mits gespecificeerd en niet eerder aangevraagd of bekostigd.

19. De posten producers fee en overhead worden alleen in aanmerking genomen indien de omroep bij het project een coproducent heeft betrokken. 

De post producers fee omvat de honoraria en vergoedingen voor de producent(en) van het project. Onder de producers fee vallen eveneens de kosten voor creatieve producenten of producers die de eindverantwoordelijke producent op onderdelen ondersteunen. 

De post overhead omvat alle vaste en variabele kosten van de coproducent en zijn eventuele coproductie-/zakelijke partners, samenhangend met de reguliere bedrijfsvoering. Hieronder vallen de eigen kantoorkosten en salariskosten van medewerkers in dienst van de coproducent of daaraan gelieerde rechtspersonen en andere coproductiepartners.

Salariskosten van medewerkers in dienst van de coproducent of daaraan gelieerde rechtspersonen en andere coproductiepartners kunnen uitsluitend apart van de post overhead worden begroot indien zij een operationele functie in de ontwikkeling of productie van het betreffende project vervullen.[1] In dat geval moeten deze kosten in de begroting inzichtelijk gemaakt worden. Daarbij dient te worden gespecificeerd: om wat voor kosten het gaat, de prijs per eenheid en de periode waarbinnen de kosten gemaakt worden. Eenmaal door het bureau NPO-fonds goedgekeurde interne kosten gelden als forfaitaire kosten en kunnen niet naar boven bijgesteld worden. Bij het begroten van salariskosten voor medewerkers van de coproducent geldt dat deze in verhouding dienen te staan tot de honoraria van freelance of vaste medewerkers van een gelijk niveau elders. 

20. De posten onvoorzien, producers fee en overhead dienen afzonderlijk van elkaar berekend te worden over de begrote ontwikkelingskosten of productiekosten, exclusief de posten onvoorzien, producers fee en overhead. 

De posten producers fee en overhead worden tot maximaal de volgende percentages in aanmerking genomen: 
  • Voor ontwikkeling en productie van televisie en online documentaires wordt voor overhead en producers fee tezamen een percentage van maximaal 17,5% in aanmerking genomen; 
  • Voor ontwikkeling van televisie en online drama wordt voor overhead en producers fee tezamen een percentage van maximaal 15% in aanmerking genomen; 
  • Voor de productie van televisie en online drama wordt voor overhead en producers fee tezamen een percentage van maximaal 10% in aanmerking genomen;
  • Voor de productie en ontwikkeling van (online) radioprojecten wordt voor overhead en producers fee tezamen een percentage van maximaal 15% in aanmerking genomen.
Zowel het uiteindelijk opgevoerde bedrag als de gehanteerde percentages dienen in de begroting vermeld te worden.
 
21. Afhankelijk van de financiële risico’s van het project komt voor de post onvoorzien een percentage in aanmerking dat varieert tussen 5 en maximaal 10%. De post onvoorzien kan niet berekend worden over ontwikkelingskosten (voor zover opgenomen in een productieaanvraag) en rechten.

22. Kosten voor een (script)coach kunnen bij een ontwikkelingsaanvraag tot het in de betreffende regeling maximaal aangegeven bedrag in aanmerking worden genomen. De kosten voor de (script)coach dienen te worden gespecificeerd in de begroting en vallen binnen de maximaal aan te vragen ontwikkelingsbijdrage. De (script)coach kan niet apart opgevoerd worden op de begroting indien dit de producent zelf betreft.

23. Wanneer de regisseur tevens een andere functie vervult (cameraman, geluidsman of editor), mag bij een productieaanvraag de dagprijs gedurende de periode dat de dubbelfunctie(s) plaatsvind(t)(en) worden verhoogd met maximaal 25%.

24. Het begroten van eventuele eigen (bijvoorbeeld van de betrokken coproducent of regisseur) productiefaciliteiten geschiedt, mits van vergelijkbare professionele kwaliteit, maximaal op basis van marktconforme tarieven.

25. Kosten die verband houden met het uitbrengen in de bioscoop of het uitbrengen en distribueren van het project in het buitenland, komen niet in aanmerking voor financiering door het NPO-fonds.

26. In geval van een coproductie komen de kosten van de aanvragende omroep niet in aanmerking voor een bijdrage. Dat geldt voor de overhead van de omroepen alsmede voor onverdeelde programmakosten. Dat geldt ook voor algemene of bijzondere kosten van productionele, dramaturgische en/of redactionele begeleiding door personen die behoren tot het eigen personeel van de omroep. Ook de kosten van de omroep voor het uitzendklaar maken van het, al dan niet door een coproducent aangeleverde, programma komen niet voor een bijdrage in aanmerking. 

Buitenlandse partijen
27. Indien er een niet in Nederland gevestigde coproducent wordt betrokken bij de ontwikkeling en/of productie van een documentaire of drama project dan dient dit bij de aanvraag nader toegelicht te worden.

28. Een niet in Nederland gevestigde coproducent kan alleen de minoritaire coproducent zijn in de samenwerking met de majoritaire aanvragende omroep en Nederlandse coproducent.

29. De niet in Nederland gevestigde coproducent dient aantoonbaar financiering uit eigen land (bv. eigen bijdrage, omroepbijdrage, fondsbijdrage) in te brengen. De bijdrage moet in verhouding staan tot de kosten die in het betreffende land ten behoeve van de productie worden gemaakt. Pre-sales aan buitenlandse omroepen vallen alleen onder de in te brengen bijdrage indien deze zonder voorbehoud gegarandeerd zijn en dit contractueel vast ligt. Deze contracten dienen desgevraagd aan het NPO-fonds overlegd te worden.

30. Indien er anderszins niet in Nederland gevestigde personen in de begroting worden opgevoerd dan dient dit bij de aanvraag nader toegelicht te worden.

Publiciteit
31. In al het publiciteitsmateriaal van het project dat een bijdrage verkreeg en alle publicaties waarin dit project wordt genoemd, zoals  persberichten, jaarverslagen, affiches, folders, brochures, advertorials en advertenties, wordt het logo van het NPO-fonds getoond, minimaal in gelijke grootte als die waarin eventuele overige financiers/sponsors zijn vermeld. Indien de omroep bij het project samenwerkt met een coproducent dient hij deze verplichting ook aan deze derde op te leggen.

32. Zowel in de openingstitels als in de aftiteling c.q. afkondiging van de theaterversie van het project en in de afkondiging van de televisieversie van het project wordt het logo van het NPO-fonds opgenomen, samen met de mededeling dat het project mede is gefinancierd uit het NPO-fonds. Voor audioprojecten geldt dat in de aankondiging en/of afkondiging de mededeling wordt opgenomen dat het project mede gefinancierd is uit het NPO-fonds. Tevens dient het logo van het NPO-fonds opgenomen te worden in alle digitale aankondigingen van zowel video- als audioprojecten.

Eindafrekening
33. Onverminderd het bepaalde in artikel 37 zendt de omroep het NPO-fonds, binnen zes maanden nadat het project voor verspreiding gereed is, c.q. is voltooid of als voltooid kan worden beschouwd, een eindafrekening. Bij de eindafrekening van een aanvraag voor de productie van een project, worden de datum en tijdstip van de uitzending, de lengte van het project en de definitieve uitzendtitel (voor zover deze afwijkt van de werktitel) vermeld.

34. Indien door het NPO-fonds bij de toekenning van een ontwikkelingsaanvraag tevens een toekenning is gedaan in het kader van de regeling meester–gezel wordt het eindverslag, ondertekend door de beginnend scenarist en de omroep, samen met de eindafrekening maximaal één maand na afloop van de samenwerking door de omroep aan het NPO-fonds gestuurd. 

35. De eindafrekening dient voorts te bestaan uit:
  • Samenvattingsblad begroting: een kolom met de begrote bedragen, een kolom met de werkelijk uitgegeven bedragen, een kolom met nog te verwachten bedragen (stelposten) en een kolom verschil begrote versus uitgegeven en verwachte bedragen;
  • Specificatie begroting: een kolom met de begrote bedragen, een kolom met de werkelijk uitgegeven bedragen, een kolom met nog te verwachten bedragen (stelposten) en een kolom verschil begrote versus uitgegeven en verwachte bedragen;
  • Toelichting: hoofdposten waarbij het verschil tussen begrote en werkelijk uitgegeven en verwachte bedragen groter is dan 10% (min of plus) én eventuele nieuwe posten dienen te worden toegelicht;
  • Dekkingsplan: eventuele wijzigingen in het dekkingsplan moeten worden aangegeven;
  • Controleverklaring van de onafhankelijke accountant of eigen verklaring omroep: in geval de totale begroting van het project meer bedraagt dan € 50.000 is een accountantsverklaring vereist, indien een accountantsverklaring niet vereist is dient de omroep een getekende verklaring mee te sturen waarin aangegeven wordt dat de eindafrekening conform de werkelijkheid is opgesteld, en dat alle inkomsten en uitgaven in de eindafrekening zijn meegenomen.
De eindafrekening dient gelijk aan en op dezelfde wijze te worden opgesteld als de begroting waarop de verlening van de bijdrage is gebaseerd.

36. De in het door de omroep ingediende dekkingsplan genoemde bijdragen van andere bronnen dan uit het NPO-fonds, worden geacht te zijn - of te worden verkregen. Blijken deze bijdragen op het moment dat de omroep de eindafrekening van het project bij het NPO-fonds indient, niet te zijn verkregen, dan is dit, onverminderd het bepaalde onder artikel 47 voor rekening en risico van de omroep. 

37. Indien de eindafrekening niet is ontvangen binnen één jaar na verstrijken van de in de uitvoeringsovereenkomst opgenomen voorziene opleverdatum van het project, zal het NPO-fonds reeds betaalde voorschotten doen terugvorderen en/of gereserveerde gelden laten vervallen. Wanneer het een bijdrage in de kosten voor de productie van een project betreft, kan het NPO-fonds deze termijn, op verzoek van de aanvrager, eenmalig met maximaal zes maanden verlengen.

 Beoordeling eindafrekening
38. Beoordeling van de eindafrekening gebeurt op basis van de goedgekeurde begroting door het bureau NPO-fonds.

39. Posten die bij de verlening van de bijdrage niet of slechts tot beperkte hoogte in aanmerking zijn genomen, worden op eenzelfde wijze in aanmerking genomen bij de definitieve vaststelling van de bijdrage.

40. Bij overschrijding van de begroting stijgen de in aanmerking komende posten overhead en producers fee niet ten opzichte van de oorspronkelijke begroting.

41. De in de begroting opgenomen post onvoorzien wordt niet aangemerkt als deel uitmakend van de daadwerkelijk gemaakte kosten, voor zover deze post niet is aangesproken.

42. Bij onderbesteding ten opzichte van de begroting, zal de verhouding tussen de definitieve bijdrage en de in aanmerking komende kosten van de eindafrekening niet groter zijn dan de verhouding tussen het bij het besluit verleende bedrag en de daarbij in aanmerking genomen kosten.

Betaling
43. De bijdrage van het NPO-fonds wordt betaald in termijnen. 

Bij een bijdrage in de kosten voor de ontwikkeling van een project hanteert het NPO-fonds twee termijnen:
  • een voorschot van 70% bij aanvang van de ontwikkeling, maar niet eerder dan na ontvangst door het NPO-fonds van de getekende uitvoeringsovereenkomst en, in geval van een coproductie, de coproductieovereenkomst;
  • het restant, na oplevering en ontvangst door het NPO-fonds van het overeen gekomen einddocument (zoals een researchverslag, filmplan of scenario’s) en vaststelling van de definitieve bijdrage door de raad van bestuur op basis van de goedgekeurde eindafrekening.

Bij een bijdrage in de kosten voor de productie van een project hanteert het NPO-fonds tenminste twee termijnen:

  • een voorschot van 40% nadat de financiering aantoonbaar rond is, maar niet eerder dan na ontvangst door het NPO-fonds van de getekende uitvoeringsovereenkomst en, in geval van een coproductie, de coproductieovereenkomst;
  • het restant, na vaststelling van de definitieve bijdrage door de raad van bestuur op basis van de goedgekeurde eindafrekening, maar niet eerder dan na ontvangst door het NPO-fonds van de informatie over de uitzending (datum en net/zender) en de vimeo/audiolink waaruit blijkt dat het project voor verspreiding gereed is, c.q. is voltooid of als voltooid kan worden beschouwd.
Omroepen verplichten zich, in geval van een coproductie, de eerste termijn die van het NPO-fonds wordt ontvangen aan te wenden ter bevoorschotting van de coproducent.

44. Het NPO-fonds gaat over tot betaling van een termijn als de omroep een betalingsverzoek stuurt en de omroep naar tevredenheid van het NPO-fonds heeft aangetoond te hebben voldaan aan de voorwaarden voor uitkering van de betrokken termijn.

45. Als de uitgekeerde voorschotten meer bedragen dan de definitief vastgestelde bijdrage, zal het NPO-fonds de te veel ontvangen voorschotten terugvorderen. De omroep betaalt te veel ontvangen voorschotten op vordering van het NPO-fonds terstond terug, tenzij het NPO-fonds tot verrekening op andere wijze heeft besloten.

46. De bijdrage uit het NPO-fonds kent geen specifieke terugbetalingsverplichting in geval van opbrengsten. Dit laat onverlet de verplichtingen die voortvloeien uit de Mediawet 2008 en regelingen van de raad van bestuur. 
 
Informatie- en verantwoordingsverplichtingen
47. Over belangrijke wijzigingen in het project, zowel van financiële als inhoudelijke aard, dient het NPO-fonds door de omroep zo snel mogelijk schriftelijk geïnformeerd te worden. Bij wijzigingen die leiden tot een wezenlijk ander project dan is aangevraagd, kan de hoogte van de bijdrage naar beneden worden aangepast en eventueel op nihil worden gesteld. Het NPO-fonds zal de omroep laten weten wanneer er naar het oordeel van het NPO-fonds sprake is van wijzigingen die leiden tot een wezenlijk ander project dan is aangevraagd. Alvorens hier de in dit artikel beschreven budgettaire consequenties aan te verbinden, wordt advies gevraagd aan de adviescommissie die de aanvraag heeft beoordeeld.

48. De omroep draagt er zorg voor dat de administratie met betrekking tot het project op deugdelijke en overzichtelijke wijze wordt gevoerd en dat deze een juist en actueel beeld geeft van de uitgaven en inkomsten van het project. In deze administratie zijn van alle uitgaven en inkomsten deugdelijk opgemaakte stukken aanwezig, waaruit de aard en de omvang van de geleverde goederen en diensten en de inkomsten duidelijk blijken. Indien de omroep bij het project samenwerkt met een coproducent dient de omroep deze verplichting ook aan deze derde op te leggen.

49. De omroep verstrekt op eerste verzoek van het NPO-fonds, binnen twee weken nadat daarom is verzocht, alle (financiële) gegevens en bescheiden die voor de vervulling van de taken van het NPO-fonds redelijkerwijs nodig zijn. Indien de omroep samenwerkt met een coproducent dient hij deze verplichting ook aan deze derde op te leggen.

50. De omroep verleent het NPO-fonds op eerste verzoek inzage in de administratie die betrekking heeft op het project. De omroep draagt er zorg voor dat zijn accountant of administratiekantoor/afdeling medewerking verleent aan de door of vanwege het NPO-fonds verrichte (controle-)werkzaamheden. Indien de omroep bij het project samenwerkt met een coproducent dient de omroep deze verplichting ook aan deze derde op te leggen.

51. De omroep draagt er zorg voor dat alle informatie die in het kader van het project verstrekt wordt correct, volledig en niet misleidend is.

Overige bepalingen
52. De bijdrage van het NPO-fonds wordt verstrekt onder voorwaarde dat de omroep de verplichtingen die voortvloeien uit de uitvoeringsovereenkomst op een juiste manier nakomt.

53. NPO aanvaardt geen aansprakelijkheid, op welk gebied ook, voor uit het NPO-fonds (mede) gefinancierde projecten. De omroep vrijwaart NPO voor alle aanspraken van derden die mochten samenhangen met het project, de vervaardiging, de uitzending, de beschikbaarstelling, de distributie daarvan, of anderszins.

54. Op de uitvoeringsovereenkomst tussen omroep en NPO-fonds is Nederlands recht van toepassing. Geschillen over de overeenkomst worden voorgelegd aan de bevoegde rechter te Amsterdam.

 

[1] Voorbeelden van functies die voor een bijdrage apart van de overhead in aanmerking kunnen komen zijn: researcher, uitvoerend producent (niet zijnde de producent zelf) en publiciteitsmedewerker.