Overzicht

Voorwaarden

NB: Deze versie van januari 2023 is van kracht per de adviesronde van 7 februari 2023. Zie onderaan de pagina alle eerdere versies van de Algemene voorwaarden in PDF, met vermelding van de indienrondes waarvoor deze golden. 

Voorwaarden om in aanmerking te komen voor budget NPO-fonds

Om in aanmerking te komen voor NPO-fondsbudget gelden de onderstaande algemene voorwaarden[1]. Daarnaast kunnen er per regeling nog specifieke voorwaarden gelden, die in de betreffende regeling beschreven zijn.

  1. Indien het voorstel waarvoor de omroep NPO-fondsbudget wil aanvragen een coproductie met een productiebedrijf betreft, dient het betrokken productiebedrijf aantoonbaar ervaring te hebben in het produceren van professionele audiovisuele mediaproducties. Bij de beoordeling daarvan worden de volgende criteria gehanteerd:
    - het betreft een productiebedrijf met rechtspersoonlijkheid (geen eenmanszaken, CV’s of VOF’s); en
    - het productiebedrijf produceert of exploiteert op regelmatige basis professionele audiovisuele mediaproducties voor landelijke commerciële of publieke omroepen; of
    - de bij het voorstel betrokken producent is eindverantwoordelijk geweest voor minimaal één, door een landelijke commerciële of publieke omroep uitgezonden en/of geplaatste, audiovisuele mediaproductie van min of meer vergelijkbare omvang en complexiteit, of heeft minimaal drie jaar aantoonbare relevante werkervaring opgedaan bij een andere producent die voldoet aan de hier eerdergenoemde punten; en
    - het productiebedrijf is zodanig georganiseerd dat de artistieke en zakelijke verantwoordelijkheid voor het betrokken project, oftewel de functie van de regisseur en/of scenarist en de functie van de producent, niet in één persoon verenigd zijn en aantoonbaar is dat de producent volledig beslissingsbevoegd en eindverantwoordelijk is voor het project.

  2. Het voorstel dient betrekking te hebben op nieuwe, originele plannen; remakes en formats zijn uitgesloten.
  3. Reeds uitgezonden media-aanbod komt niet in aanmerking voor NPO-fondsbudget. Ook voorstellen waarvan de te financieren activiteiten al een aanvang hebben genomen, komen niet in aanmerking. Een uitzondering kan slechts worden gemaakt voor opnamen die een bescheiden deel van het voorstel gaan vormen en waarvan gemotiveerd wordt dat deze van zodanig wezenlijk belang zijn voor het project dat uitstel daarvan niet mogelijk was.
  4. Bij de intekening van het voorstel wordt gevraagd om een inhoudelijk plan, conform de checklist die hiervoor bij elke regeling is opgenomen. Dit plan dient voor gezien te zijn ondertekend door de bij het voorstel betrokken regisseur(s) en/of scenarist(en).
  5. Alle bij de regelingen genoemde maximale bedragen die vanuit het NPO-fondsbudget kunnen worden toegekend, zijn inclusief de posten producers fee, overhead en onvoorzien.
  6. Bij de intekening van voorstellen waarvoor NPO-fondsbudget wordt aangevraagd, dient naast de begroting volgens het uniforme format ook een detailbegroting te worden opgeleverd, alsmede het dekkingsplan. Deze moeten voorzien zijn van een toelichting op de begroting en het financieringsplan, en op eventuele bijzondere of onzekere factoren rond de ontwikkeling of productie van het voorstel. Bij het ontbreken van deze informatie, wordt de aanvraag voor NPO-fondsbudget als onvolledig beschouwd en kan het voorstel niet voorgelegd worden aan de adviescommissie.

Voorwaarden waaraan de detailbegroting dient te voldoen:

  1. De in de begroting opgenomen kosten dienen realistisch, marktconform en kostenefficiënt te zijn en zoveel mogelijk gespecificeerd, uitgewerkt en toegelicht te worden. Bij alle functies dienen in de begroting de namen vermeld te worden. De opgevoerde dagbedragen van betrokken makers moeten van toepassing zijn op de verschillende fases van het project (ontwikkeling, productie). Als de makers zich gecommitteerd hebben aan een project, mag verwacht worden dat zij niet tussentijds hun tarieven aanpassen.
  2. Bij het aanvragen van een bijdrage uit het NPO-fondsbudget voor de productie van een voorstel kunnen kosten voor ontwikkeling tot het in de betreffende regeling maximaal aangegeven bedrag in aanmerking worden genomen, mits deze kosten niet eerder uit NPO-fondsbudget, uit regulier programmabudget of door derden, niet zijnde de coproducent, zijn gefinancierd. De kosten voor ontwikkeling dienen te zijn gespecificeerd en toegelicht in de begroting.
  3. De posten producers fee en overhead worden alleen in aanmerking genomen indien de omroep bij het voorstel een coproducent heeft betrokken.
  4. De post producers fee omvat de honoraria en vergoedingen voor de producent(en) van het voorstel. Onder de producers fee vallen eveneens de kosten voor creatieve producenten of producers die de eindverantwoordelijke producent op onderdelen ondersteunen.
  5. De post overhead omvat alle vaste en variabele kosten van de coproducent en zijn eventuele coproductie-/zakelijke partners, samenhangend met de reguliere bedrijfsvoering. Hieronder vallen de eigen kantoorkosten en salariskosten van medewerkers in dienst van de coproducent of daaraan gelieerde rechtspersonen en andere coproductiepartners.
  6. Salariskosten van medewerkers in dienst van de coproducent of daaraan gelieerde rechtspersonen en andere coproductiepartners kunnen uitsluitend apart van de post overhead worden begroot indien zij een operationele functie in de ontwikkeling of productie van het betreffende voorstel vervullen. In dat geval moeten deze kosten in de detailbegroting inzichtelijk gemaakt worden. Daarbij dient te worden gespecificeerd: om wat voor kosten het gaat, de prijs per eenheid en de periode waarbinnen de kosten gemaakt worden. Goedgekeurde kosten gelden als forfaitaire kosten en kunnen niet naar boven bijgesteld worden. Bij het begroten van salariskosten voor medewerkers van de coproducent geldt dat deze in verhouding dienen te staan tot de honoraria van freelance of vaste medewerkers van een gelijk niveau elders.
  7. De posten onvoorzien, producers fee en overhead dienen afzonderlijk van elkaar berekend te worden over de begrote en voor het NPO-fondsbudget in aanmerking genomen ontwikkelingskosten of productiekosten van de coproducent, exclusief de posten onvoorzien, producers fee en overhead.
  8. De posten producers fee en overhead worden tot maximaal de volgende percentages in aanmerking genomen:
    • voor ontwikkeling en productie van documentaires (zowel televisie als online) wordt voor overhead en producers fee tezamen een percentage van maximaal 17,5% in aanmerking genomen;
    • voor ontwikkeling fictie (zowel televisie als online) wordt voor overhead en producers fee tezamen een percentage van maximaal 15% in aanmerking genomen;
    • voor de productie fictie (zowel televisie als online) wordt voor overhead en producers fee tezamen een percentage van maximaal 15% in aanmerking genomen;
    • voor de ontwikkeling en productie van (online) audiovoorstellen wordt voor overhead en producers fee tezamen een percentage van maximaal 17,5% in aanmerking genomen;
    • voor de regelingen ontwikkeling impactproductie en publieksbereik wordt voor overhead en producers fee tezamen een percentage van 5% in aanmerking genomen.

Zowel het uiteindelijk opgevoerde bedrag als de gehanteerde percentages dienen in de begroting vermeld te worden.

  1. Afhankelijk van de financiële risico’s van het voorstel komt voor de post onvoorzien een percentage in aanmerking dat varieert tussen 0 en maximaal 10% van de in aanmerking komende kosten. De post onvoorzien kan niet berekend worden over ontwikkelingskosten (voor zover opgenomen in een productievoorstel) en rechten.
  2. Wanneer de regisseur tevens een andere functie vervult (cameraman, geluidsman of editor), mag bij een productievoorstel de dagprijs gedurende de periode dat de dubbelfunctie(s) plaatsvind(t)(en) worden verhoogd met maximaal 25%.
  3. Het begroten van eventuele eigen (bijvoorbeeld van de betrokken coproducent of regisseur) productiefaciliteiten geschiedt, mits van vergelijkbare professionele kwaliteit, maximaal op basis van marktconforme tarieven.
  4. Kosten die geen verband houden met de televisie- of radio-uitzending of online plaatsing op kanalen van de publieke omroep, zoals bijvoorbeeld het uitbrengen in de bioscoop, een vertoning tijdens een festival of het uitbrengen en distribueren van het voorstel in het buitenland, komen niet in aanmerking voor financiering uit NPO-fondsbudget of het reguliere programmabudget.
  5. In geval van een coproductie met een producent worden de interne kosten van de omroep meegenomen in de begroting. Ook deze kosten moeten worden onderbouwd en toegelicht. Dit kunnen kosten zijn voor productionele, dramaturgische en/of redactionele begeleiding door personen die behoren tot het eigen personeel van de omroep. De maximale bedragen die volgens de verschillende regelingen vanuit het NPO-fondsbudget kunnen worden toegekend, hebben geen betrekking op deze interne kosten van de aanvragende omroep. Deze kosten worden gefinancierd uit het reguliere programmabudget.
  6. In afwijking van voorwaarde 6 punt (m) geldt bij audioproducties dat de interne kosten van de aanvragende omroep (deels) wel gefinancierd kunnen worden vanuit het NPO-fondsbudget, te weten:
  • maximaal 5% te berekenen over de begrote en in aanmerking genomen kosten, exclusief de post onvoorzien, indien de aanvragende omroep zelf de audioproductie produceert;
  • maximaal € 1.500, indien de aanvragende omroep een coproducent betrokken heeft bij de productie van de audioproductie.

Om in aanmerking te komen voor de hierboven genoemde bijdragen moeten de kosten onderbouwd en toegelicht worden. Bij de beoordeling daarvan worden de posten onvoorzien, producers fee en overhead niet in aanmerking genomen.

  1. Indien er, anders dan bedoeld in de hieronder opgenomen voorwaarde 7, niet in Nederland gevestigde personen in de begroting worden opgevoerd, dan dient dit nader inzichtelijk en toegelicht te worden.
  2. Indien er een niet in Nederland gevestigde coproducent wordt betrokken bij de ontwikkeling en/of productie van een documentaire- of fictievoorstel, dan dient dit nader toegelicht te worden en gelden de volgende voorwaarden:
  • Een niet in Nederland gevestigde coproducent kan alleen de minoritaire coproducent zijn in de samenwerking met de majoritaire aanvragende omroep en Nederlandse coproducent en er moet sprake zijn van aantoonbare creatieve en technische inbreng van zowel de omroep (en eventuele Nederlandse coproducent) als de buitenlandse coproducent.
  • De niet in Nederland gevestigde coproducent dient aantoonbaar financiering uit eigen land (bv. eigen bijdrage, omroepbijdrage, fondsbijdrage) in te brengen. De bijdrage moet in verhouding staan tot de kosten die in het betreffende land ten behoeve van de productie worden gemaakt. Pre-sales aan buitenlandse omroepen vallen alleen onder de in te brengen bijdrage indien deze zonder voorbehoud gegarandeerd zijn en dit contractueel vastligt.
  • Bij de productie van televisiefictie, waarbij sprake is van een buitenlandse coproductie, wordt voor overhead en producers fee tezamen een percentage van maximaal 12,5% in aanmerking genomen.

Toekenningsvoorwaarden verbonden aan toegekend NPO-fondsbudget
Voor voorstellen die NPO-fondsbudget toegekend krijgen, gelden alle reguliere toekenningsvoorwaarden. In aanvulling daarop gelden voor de met NPO-fondsbudget gefinancierde voorstellen de onderstaande voorwaarden[2]. In geval van een coproductie draagt de omroep er zorg voor dat aan de voorwaarden voldaan kan worden door hierover afspraken te maken met de coproducent(en).

  1. In geval NPO-fondsbudget is toegekend voor de productie van een voorstel, stuurt de omroep uiterlijk zes maanden nadat het voorstel geproduceerd is en als voltooid kan worden beschouwd, een eindafrekening naar NPO.
  2. In geval NPO-fondsbudget is toegekend voor de ontwikkeling van een voorstel, stuurt de omroep uiterlijk zes maanden na de bij de intekening opgegeven opleverdatum van het einddocument (zoals het researchverslag, filmplan, scenario’s), een eindafrekening naar NPO.
  3. In geval NPO-fondsbudget is toegekend voor het maken van een concept van een voorstel, stuurt de omroep uiterlijk zes maanden na de bij de indiening opgegeven opleverdatum van het einddocument (het verslag), een eindafrekening naar NPO.
  4. In geval NPO-fondsbudget is toegekend in het kader van de regelingen voor Impact of Publieksbereik zijn de voorwaarden voor oplevering van een einddocument en/of eindafrekening opgenomen in de betreffende regelingen.
  5. De eindafrekening dient te bestaan uit:
  6. Samenvattingsblad begroting: een kolom met de begrote bedragen, een kolom met de werkelijk uitgegeven bedragen, een kolom met nog te verwachten bedragen (stelposten) en een kolom verschil begrote versus uitgegeven en verwachte bedragen.
  7. Specificatie begroting: een kolom met de begrote bedragen, een kolom met de werkelijk uitgegeven bedragen, een kolom met nog te verwachten bedragen (stelposten) en een kolom verschil begrote versus uitgegeven en verwachte bedragen.
  8. Toelichting: hoofdposten waarbij het verschil tussen begrote en werkelijk uitgegeven en verwachte bedragen groter is dan 10% (min of plus) én eventuele nieuwe posten dienen te worden toegelicht.
  9. Dekkingsplan: eventuele wijzigingen in het dekkingsplan moeten worden aangegeven;
  10. Boekhoudkundige verklaring: de eindafrekening dient te worden voorzien van een boekhoudkundige verklaring.
  11. Controleverklaring van de onafhankelijke accountant of eigen verklaring omroep: in geval de productiebegroting meer bedraagt dan € 2.500.000 (excl. btw) is een accountantsverklaring vereist.

De eindafrekening dient gelijk aan en op dezelfde wijze te worden opgesteld als de begroting waarop de verlening van de bijdrage is gebaseerd.

  1. De administratie met betrekking tot het project dient op deugdelijke en overzichtelijke wijze te worden gevoerd en moet een juist en actueel beeld geven van de uitgaven en inkomsten van het project. In deze administratie zijn van alle uitgaven en inkomsten deugdelijk opgemaakte stukken aanwezig, waaruit de aard en de omvang van de geleverde goederen en diensten en de inkomsten duidelijk blijken.
  2. De in het door de omroep ingediende dekkingsplan genoemde bijdragen van andere bronnen dan uit het NPO-fondsbudget of het reguliere programmabudget, worden geacht te zijn – of te worden – verkregen. Blijken deze bijdragen op het moment dat de omroep de eindafrekening van het project bij de NPO indient niet te zijn verkregen, dan is dit, voor rekening en risico van de omroep.
  3. Minimaal 75% van de toegekende gelden van het NPO-fondsbudget dienen aantoonbaar in Nederland te worden besteed.
  4. NPO-fondsbudget wordt toegekend onder voorwaarde van voldoende beschikbaar NPO-fondsbudget.

Controle eindafrekening 
Als de eindafrekening meer dan 10% afwijkt van de goedgekeurde begroting en die afwijking meer dan € 100.000 bedraagt, wordt de eindafrekening nader gecontroleerd en worden de bevindingen hiervan met de omroep besproken. Er vindt geen verrekening plaats.

Bezwaar maken
Een plaatsingsbesluit van de raad van bestuur of een beschikking om geen NPO-fonds budget beschikbaar te stellen, is een besluit waartegen volgens de bepalingen van de Algemene wet bestuursrecht bezwaar en beroep openstaat. Degene, wiens belang rechtstreeks bij dit besluit betrokken is (doorgaans is dat de aanvragende omroep), kan op grond van artikel 7.1 van de Algemene wet bestuursrecht tegen een besluit binnen zes weken na verzending daarvan bezwaar maken. In de bezwaarprocedure kan het voorstel niet gewijzigd of aangevuld worden. Informatie van die aard zal bij de beoordeling buiten beschouwing blijven. De behandeling van het bezwaar verloopt in overeenstemming met het Reglement bezwaarschriften publieke omroep.

Belanghebbenden kunnen schriftelijk bezwaar maken door een bezwaarschrift in te dienen bij: De raad van bestuur NPO, t.a.v. de afdeling Juridische Zaken, Postbus 26444, 1202 JJ Hilversum. Het bezwaarschrift moet ondertekend zijn en in ieder geval de volgende gegevens bevatten: naam, adres en woonplaats, datum, omschrijving van het besluit waartegen het bezwaar is gericht (inclusief onderwerp, datum en kenmerk van het besluit), de gronden van het bezwaar.

 

 

 

[1] Vastgesteld door de Raad van Bestuur op 24 januari 2023

[2] Vastgesteld door de Raad van Bestuur op 24 januari 2023